Voor leerkrachten · 7 minuten lezen
Je groepsplan opbouwen met de talenten van je klas.
In veel groepsplannen staat bij het groepsbeeld iets als "een gezellige maar drukke groep". Daar kan de volgende leerkracht niets mee, en jijzelf in januari ook niet. Dit gaat over hoe je dat stuk concreet maakt.
Het probleem met het groepsbeeld
Het groepsbeeld is meestal het eerste blok van een groepsplan en tegelijk het blok dat het snelst wordt ingevuld. Dat komt doordat er geen gegevens onder liggen. Voor rekenen en spelling heb je toetsscores; voor de vraag hoe je groep werkt heb je alleen je indruk van de eerste weken.
Die indruk is niet waardeloos, maar hij is wel eenzijdig. Je onthoudt de kinderen die opvallen: de drukste drie en de stilste twee. De vijfentwintig ertussenin verdwijnen in een algemene zin.
Een talentenoverzicht vult dat gat, omdat het over alle kinderen iets zegt en niet alleen over de uitersten.
Wat een verdeling laat zien
Niet welk kind wat is, maar waar de groep als geheel scheef zit. Een klas met veel doorzetters en weinig verbinders werkt anders dan andersom, en vraagt andere afspraken.
Wat het oplevert bij groepjes
Je kunt onderbouwen waarom je bepaalde kinderen bij elkaar zet, in plaats van te schuiven tot het rustig is.
Wat je in het groepsbeeld opschrijft
Vervang de algemene zin door drie regels die je in maart nog kunt gebruiken.
1. De verdeling, met een getal erbij
"Elf kinderen komen sterk uit op aanpakken en doorzetten, drie op samen en vrienden." Dat is meteen duidelijk, en het verklaart waarom samenwerkopdrachten in deze groep stroef verlopen.
2. Het gebied dat ontbreekt
Bijna elke klas heeft een gebied waar nauwelijks iemand bij hoort. Schrijf op welk gebied dat is en wat je eraan gaat doen. Vaak is het antwoord simpel: er zijn te weinig activiteiten in de klas waarin dat talent gevraagd wordt.
3. De kinderen die zichzelf nergens in herkennen
Dit is de nuttigste regel van de drie. Kinderen die bij geen enkel gebied uitkomen, of die zeggen dat de uitslag niet klopt, verdienen aandacht die niets met leerachterstand te maken heeft. Noteer hun namen en plan er een gesprekje bij.
Groepjes indelen zonder eindeloos schuiven
De gewoonte is om in te delen op niveau of op wie met wie kan. Dat werkt, maar levert vaak groepjes op waarin dezelfde kinderen steeds hetzelfde doen: één trekt, één schrijft, twee kijken toe.
Indelen op talentgebied breekt dat patroon. Zet in elk groepje iemand die het overzicht bewaakt, iemand die doorzet als het saai wordt en iemand die let op of iedereen meedoet. Je hoeft daarvoor niet perfect te verdelen; twee verschillende gebieden per groepje is al genoeg verschil.
Belangrijk daarbij: vertel hardop waarom je deze kinderen bij elkaar zet. Kinderen die horen welke rol ze hebben, pakken die rol ook. Zonder die uitleg is het gewoon weer een indeling.
Waar de gegevens vandaan komen
Je kunt de verdeling zelf inschatten, maar dan schat je vooral de kinderen in die je het beste kent. De talententest voor groep 5 t/m 8 laat kinderen zelf invullen, in ongeveer tien minuten, en levert daarna een klasrapport met het groepsbeeld per talentgebied.
Dat rapport is bewust geen leerlingvolgsysteem. Er staan geen achternamen in, geen niveaus en geen ontwikkelingsperspectieven. Het is één overzicht van hoe de talenten in je groep verdeeld zijn, plus per kind een printbare kaart. Wat je daarmee in je groepsplan zet, bepaal je zelf.
Neem het in september af, dan heb je het beeld voordat je je groepsplan schrijft. Wil je een uitgewerkte les erbij, kijk dan bij de gouden weken in groep 5 t/m 8.
Bij de overdracht
Aan het eind van het jaar draag je je groep over. Meestal gaat dat over zorgleerlingen, methodes en waar je gebleven bent. Het stuk over hoe de groep werkt, verdwijnt daarbij vaak in een gesprekje op de gang.
Neem het talentbeeld mee in de overdracht, dan begint je opvolger niet weer bij nul. Twee dingen zijn daarbij het nuttigst: welke gebieden in deze groep sterk vertegenwoordigd zijn, en welke kinderen vorig jaar zichzelf nog nergens in herkenden. Dat tweede punt is precies wat een nieuwe leerkracht in september niet ziet.
Wat je beter niet doet
- Talentgebieden als niveaus behandelen. Er is geen gebied dat beter is dan een ander, en zodra je ze op volgorde zet, gaan kinderen dat overnemen.
- De uitslagen in het leerlingdossier zetten. Een talentenkaart is een momentopname en een gespreksstart, geen gegeven dat een kind acht jaar achtervolgt.
- De verdeling gebruiken om de groep te verklaren. "Deze klas is nu eenmaal zo" is een conclusie waar niets uit volgt.
- Het eenmalig doen. Een tweede afname later in het jaar laat zien wat er veranderd is, en dat is vaak het interessantste deel.
Veelgestelde vragen
Mag dit in het groepsplan volgens de AVG?
Wat je zelf opschrijft in je groepsplan valt onder het beleid van je school. De test zelf vraagt geen achternaam, geboortedatum of e-mailadres van kinderen; ze doen mee met een voornaam of bijnaam. De losse antwoorden worden niet bewaard. Overleg bij twijfel met de intern begeleider hoe jullie school hiermee omgaat.
Vervangt dit een sociogram?
Nee. Een sociogram gaat over relaties tussen kinderen, dit gaat over wat kinderen kunnen en waar ze energie van krijgen. Ze vullen elkaar aan en meten iets anders.
Hoe vaak neem je het af?
Eén keer in september is genoeg om je groepsplan mee te vullen. Een tweede afname rond maart laat de verandering zien, maar is geen voorwaarde.
Werkt dit ook bij een combinatiegroep?
Ja. De test is geschreven voor groep 5 tot en met 8, dus een combinatiegroep binnen die bandbreedte kan hem gewoon samen doen. Je krijgt dan één groepsbeeld over beide jaarlagen.
Vul je groepsbeeld met echte gegevens
De talententest voor groep 5 t/m 8 duurt ongeveer tien minuten en is gratis. Het eerste klasrapport, met het groepsbeeld per talentgebied, is dat ook.
Maak je gratis klasrapport