Voor leerkrachten · 8 minuten lezen

Wat is een sociogram en hoe maak je er een?

Je voelt meestal wel aan hoe je groep in elkaar zit. Maar je ziet niet alles: het kind dat overal bij lijkt te horen en nergens echt bij hoort, valt zelden op. Een sociogram maakt die verhoudingen zichtbaar. Dit artikel legt uit wat het is, hoe je er in een half uur een maakt, en waar het misgaat.

Wat een sociogram is

Een sociogram is een plattegrond van de relaties in een groep. Je stelt elk kind dezelfde vraag, bijvoorbeeld naast wie het zou willen zitten, en je tekent de antwoorden als pijlen tussen namen. Wat je overhoudt is geen mening maar een patroon: wie kiest wie, welke keuzes zijn wederzijds, en wie wordt door niemand genoemd.

De methode komt uit de jaren dertig, van de psychiater Jacob Moreno, en is sindsdien in het onderwijs blijven hangen omdat hij iets doet wat observeren niet doet. Jij ziet wat er in de klas gebeurt. Een sociogram laat zien wat kinderen zouden kiezen als ze het voor het zeggen hadden, en dat is niet hetzelfde.

Wederzijdse keuzes

Twee kinderen die elkaar allebei noemen, hebben een echte band. Eenrichtingskeuzes zeggen iets anders: iemand kijkt op naar een klasgenoot die dat niet terugdoet.

Kinderen zonder keuze

Het kind dat door niemand genoemd wordt, is bijna nooit het kind waar je aan dacht. Dit is de reden om een sociogram af te nemen.

Een voorbeeld van een sociogram

Hieronder een klein sociogram van zes kinderen. Elke pijl is een keuze, van wie hem uitspreekt naar wie gekozen wordt. Staan er twee pijlen tussen dezelfde kinderen, dan noemden ze elkaar allebei.

Voorbeeld van een sociogram met zes kinderen Sara en Jelle kiezen elkaar. Noor wordt door drie kinderen gekozen. Milan kiest twee kinderen maar wordt door niemand gekozen. Sara Jelle Noor Bo Milan Iris drie keer gekozen kiest wel, wordt niet gekozen
Sara en Jelle kiezen elkaar: een wederzijdse band. Noor wordt door drie kinderen genoemd. Milan kiest twee klasgenoten, maar zijn naam staat bij niemand.

In een klas van 28 wordt zo'n plaat al snel onleesbaar, en dat is precies waarom de meeste leerkrachten het na één keer opgeven. Het gaat ook niet om het plaatje. Het gaat om drie lijstjes: wie vaak genoemd wordt, wie elkaar noemt, en wie helemaal niet voorkomt.

Hoe je een sociogram maakt in vijf stappen

1. Bepaal wat je wilt weten

"Met wie wil je samenwerken" en "naast wie wil je zitten" leveren verschillende plaatjes op. Werken gaat over vertrouwen in iemands kunnen, zitten gaat over vriendschap. Kies er twee, niet meer, en houd ze het hele jaar hetzelfde als je later wilt vergelijken.

2. Stel de vragen positief

Vraag naar wie een kind wél wil, nooit naar wie het niet wil. Verderop staat waarom dat geen softe keuze is.

3. Neem het af zonder dat kinderen elkaar zien

Dit is de stap die het vaakst misgaat. Kinderen die over elkaars schouder meekijken, vullen in wat sociaal handig is in plaats van wat ze vinden. Zet ze uit elkaar, laat ze het individueel invullen, en zeg vooraf dat niemand anders het te zien krijgt. Die belofte moet je daarna ook nakomen.

4. Zet de antwoorden om in drie lijstjes

Tel per kind hoe vaak het genoemd is. Markeer de wederzijdse paren. Schrijf op wie nul keer voorkomt. Met een rekenblad ben je hier in een kwartier doorheen; met de hand kost een klas van 28 je ongeveer een uur.

5. Doe er iets mee, en niet pas volgende maand

Een sociogram dat in een la verdwijnt, heeft alleen kwaad gekund. Kies twee of drie kinderen om deze week iets voor te doen: een plek naast een wederzijdse keuze, een klusje samen met een kind dat vaak genoemd wordt, of vijf minuten aandacht op het plein.

Waarom je beter niet vraagt wie een kind níét wil

De klassieke variant vraagt ook naar afwijzing, en die levert scherpere informatie op. Wie structureel wordt afgewezen, springt er meteen uit.

Doe het toch niet, om twee redenen. De eerste is praktisch: uitsluiting is in positieve data net zo goed zichtbaar. Een kind dat door niemand genoemd wordt, valt precies zo op als een kind dat vaak wordt afgewezen, en je onderneemt er dezelfde actie op.

De tweede weegt zwaarder. Als je een kind van tien laat opschrijven wie het niet wil, dan heb je een kind laten opschrijven wie het niet wil. Dat gebeurt in zijn hoofd, niet alleen op papier, en het is niet meer terug te draaien. Voor informatie die je ook zonder kunt krijgen, is dat een te hoge prijs.

Wat je beter niet doet

De uitkomst met de klas delen. Nooit, ook niet in algemene termen, ook niet als het goed nieuws lijkt. Een kind dat hoort dat het vaak gekozen is, weet meteen dat er ook kinderen zijn die dat niet zijn.

Namen noemen in de teamkamer. Bespreek de uitkomst met wie er iets mee moet, en verder niet.

Het in het leerlingdossier zetten. Een sociogram is een momentopname van een groep, geen eigenschap van een kind. In november staat het er anders voor.

Conclusies trekken over één kind. Dat een kind niet genoemd wordt, betekent niet dat het ongelukkig is. Sommige kinderen hebben aan één vriend buiten de klas genoeg. Het is een aanleiding om te gaan kijken, geen bevinding.

Het één keer doen. Een sociogram in september zegt iets over september. Twee metingen per jaar laten zien of er iets beweegt, en dat is waar je eigenlijk naar op zoek bent.

Veelgestelde vragen

Wat is een sociogram precies?

Een overzicht van wie in een groep wie kiest. Je stelt elk kind dezelfde vraag, bijvoorbeeld naast wie het wil zitten, en zet de antwoorden om in een plaat of een lijst. Daaruit lees je af welke banden wederzijds zijn en welk kind buiten de keuzes valt.

Hoe maak ik een sociogram?

Stel twee positieve vragen, laat kinderen die apart van elkaar beantwoorden, en tel daarna per kind hoe vaak het genoemd is. Met de hand kost dat voor een klas van 28 ongeveer een uur; met een invulblad en een rekenblad ben je sneller klaar.

Waar kan ik gratis een sociogram afnemen?

Op de vervolgpagina staat een printbaar invulblad dat je meteen kunt gebruiken. We werken aan een digitale versie waarmee je het klassikaal afneemt en direct een overzicht krijgt. Die wordt gratis en verschijnt op deze site.

Vanaf welke groep kan het?

Vanaf groep 3 kun je het afnemen, maar de uitkomst wordt pas stabiel vanaf ongeveer groep 5. Jongere kinderen noemen vaker wie er die ochtend toevallig naast ze zat.

Hoe lang duurt het afnemen?

Het invullen kost vijf tot tien minuten. De tijd zit in het verwerken en in het gesprek dat je daarna met jezelf voert over wat je ermee gaat doen.

Moet ik ouders informeren?

Verplicht is het niet altijd, verstandig wel. Een korte mededeling dat je in de klas kijkt hoe de groep in elkaar zit, dat kinderen alleen positieve vragen krijgen en dat de antwoorden niet bewaard blijven, voorkomt vragen achteraf.

Volgende stap: de vragen en het invulblad

Wil je het deze week nog doen? Op de vervolgpagina staan de vragen die je stelt, hoe je ze voorleest en een printbaar invulblad voor je hele klas.

Naar de vragen en het invulblad